De coördinatieregeling bundelt verschillende verplichte procedures tot één procedure. Het ontwerpbestemmingsplan en de ontwerpbesluiten van de vergunningen liggen dan tegelijk ter inzage. Belanghebbenden kunnen hierop zienswijzen indienen. De volgende stap is het bestemmingsplan vaststellen en de vergunningen verlenen. Ook deze liggen tegelijk ter inzage. Belanghebbenden kunnen hierop gecombineerd in beroep gaan bij de Raad van State. 

Voordelen

Het grote voordeel van deze regeling is dat de besluitvorming voor het college, de raad én de inwoners overzichtelijker is, zo geeft Rietman aan. “Met de coördinatieregeling wordt gelijk zichtbaar welke verschillende procedures er doorlopen worden. Bovendien hoeft een zienswijze indienen of beroep aantekenen slechts één keer. Je tekent dan automatisch beroep aan tegen alle besluiten.” 

Voordeel is ook dat belanghebbenden niet voortdurend de gemeentelijke publicaties hoeven door te spitten om te kijken of er een besluit ter inzage ligt. Daarnaast worden de verschillende besluiten door de gelijktijdige behandeling meer in samenhang beoordeeld. Het voordeel voor Vebe is dat zij sneller duidelijkheid hebben over het al dan niet doorgaan van het project. Het bedrijf hoeft immers niet alle verschillende besluiten en mogelijk daaropvolgende procedures af te wachten. Daar komt bij dat de Raad van State binnen 6 maanden uitspraak doet. Bij een gewone procedure duurt dat vaak 1 tot 2 jaar.
 

Geen nadeel voor bezwaar en beroep

De wethouder benadrukt dat bezwaarmakers met deze regeling niet worden benadeeld in hun bezwaar- of beroepsmogelijkheden. “Deze mogelijkheden staan nog steeds ter beschikking”, zegt Rietman. “Er is één verschil. Bij een reguliere omgevingsvergunningsprocedure wordt eerst beroep aangetekend bij de rechtbank en daarna bij de Raad van State. Bij de coördinatieregeling wordt rechtstreeks de gang gemaakt naar de Raad van State. Het is niet de eerste keer dat de gemeenteraad deze regeling van toepassing verklaart. Door eerdere positieve ervaringen doet zij dit nu ook bij het project Zevenhont Zuid.”